Tips & Trics | 
Een korte kennismaking met de bowlingsport. Bezoek de website van de Belgische Bowlingsportfederatie: WWW.BOWLING.BE
Een bal kiezen
Gebruik middelvinger, ringvinger en duim. De vingergaten moeten juist gepast zijn om zodoende de bal gemakkelijk vast te houden. Het duimgat mag iets ruimer zijn. Als regel nemen we voor kinderen de leeftijd wordt het gewicht van de bal min 1 pond: 10 jaar wordt 9 pond. Voor volwassenen is de regel 10 à 12 pond voor dames en 13 à 15 pond voor heren.
De afstand tussen duim en middelvinger mag niet te klein, noch te groot zijn. (Vuistregel: er moet juist voldoende plaats zijn om een potlood te steken tussen bal en hand). Een veel te grote en/of veel te kleine grip kan leiden tot kwetsures aan o.a. de elleboog.
De bal moet zo zwaar mogelijk gekozen worden (minder afwijking bij contact met de pins). Je moet de bal toch ongeveer een 5 seconden kunnen vasthouden zonder je te vermoeien. Het gewicht van de ballen is aangegeven op de bal in ponden met cijfers variërend tussen 6 en 16 pond. (1pond = ±500 gr.)
Waar gaan staan?
AFSTAND:
Ga aan de foutlijn staan, met de rug naar de baan en stap 4 en een halve pas. Draai je nu om en je staat nu op de goede afstand van de foutlijn.
LINKS - RECHTS:
Plaats je met de binnenkant van de glijvoet (de linkse voet voor rechtshandige, omgekeerd voorlinkshandige) op de lat van het middelste bolletje.Houdt de andere voet lichtjes achter en bijna tegen de glijvoet. Knieën lichtjes gebogen. De romp lichtjes naar voren gebogen. (schouders, knie en punt van de voet op één lijn).
Elleboog tegen de heup van het lichaam brengen. De andere hand ondersteunt het gewicht van de bal. Let er op dat je de bal vasthoudt tussen de schouder en je hoofd!
De houding van de hand is zoals men een valies zou dragen, met de duim op 10 uur voor een rechtshandige. (2 uur voor linkshandigen)
De pols moet gedurende de gehele aanloop recht gehouden worden.
De aanloop: 4 passen
PAS nr. 1:
Plaats de rechtervoet vooruit (voor rechtsandigen) tegelijkertijd met de armbeweging naar voren en lichtjes naar beneden. Gedurende deze pas blijft de linkerhand (voor rechtshandigen) het gewicht van de bal ondersteunen.
PAS nr. 2:
De linkerhand verlaat de bal en gaat naar links om het lichaam recht en in evenwicht te houden. De linkervoet gaat vooruit en de bal begint aan een neerwaartse boog. Op het einde van de tweede pas bevindt de bal zich ter hoogte van de kuit.
PAS nr. 3:
De rechtervoet gaat vooruit, en de bal komt ongeveer ter hoogte van de schouder.
PAS nr. 4:
De linkervoet glijdt rechtvooruit. De bal komt in een neerwaartse boog terug naar voren.
HET LOSSEN VAN DE BAL:
Na de vierde pas komt de duim, nog steeds op 10 uur positie, los uit de bal. De twee vingers, die op dat moment nog steeds in de bal zitten brengen de bal verder naar voor en lichten hem op. De vingers komen daarna heel natuurlijk los uit de bal, terwijl de arm zijn opwaartse boogbeweging voortzet.
EINDHOUDING:
De arm heeft zijn boogbeweging voortgezet. De romp staat lichtjes voorovergebogen zoals bij de vertrekhouding. De knie is lichtjes gebogen.
Waarop mikken?

Er staan op de baan 7 pijlen. Mik op de DERDE pijl van rechts te beginnen (3e van links voor linkshandigen). Op deze wijze komt de bal in de "POCKET".
TIPS:
1.De bal gaat telkens over de derde pijl en:-je mist telkens de "headpin" langs de rechterkant: schuif bij je vertrekhouding één of meer latjes op naar RECHTS en blijf mikken op de derde pijl.-je mist telkens de "headpin" langs de linkerkant: schuif bij je vertrekhouding één of meer latjes op naar LINKS en blijf mikken op de derde pijl.2.Er blijven na mijn eerste bal nog kegels staan langs de rechterkant van de baan: Bespeel steeds de baan DIAGONAAL, dus als rechtshandige schuif je bij je vertrekhouding op naar LINKS.3.Er blijven na mijn eerste bal nog kegels staan langs de linkerkant van de baan: Bespeel steeds de baan DIAGONAAL, dus als rechtshandige schuif je bij je vertrekhouding op naar RECHTS.
|